Café De Roskam

Het café of dorpsherberg was de ontmoetingsplaats voor voornamelijk mannen. Vooral ’s zondags, na de hoogmis, om onder genot van een potje bier of een glaasje jenever (‘snaëvel’) een kaartje te leggen, een partijtje biljart te spelen of om te ‘jensen’. ‘Jensen’  is een soort biljartspel waarbij de bal onder een soort beugel gestoten moest worden. De oorsprong van dit spel is een creatieve vorm van belastingontduiking: in de tijd dat er een belasting stond op het hebben van een biljart bedacht men in Gemert en omgeving een nieuw spel door een beugel op het biljart te plaatsen.

Dorpsherbergen dienden vaak ook als clubhuis voor allerlei verenigingen, zoals bijvoorbeeld de gildes (de ‘skut’, zoals deze in Gemert worden genoemd. In Gemert zijn er op dit moment nog twee: Sint Antonius en Sint Sebastianus Gilde uit Gemert. Ook wel genoemd: De Gruun Skut en het Sint Joris Gilde, oftewel de Rooi Skut). Maar ook hand- en kruisboogverenigingen en weversgezelschappen. Vaak spaarden zij geld in de spaarkas, die tweemaal per jaar werd gelicht voor een maaltijd in de herberg op een ‘teerdag’, een feestdag van de vereniging. Wekelijks kwamen boeren ook in het café bijeen als de ‘korenbeurs’ werd gehouden om bijvoorbeeld graan en biggen te verhandelen.

In Gemert is vroeger een café De Roskam gevestigd geweest.

Janus (Christianus) Peeters en Leentje van Eupen nemen in 1931 op Boekent, halfweg naar De Mortel, café de Roskam over. De Roskam was destijds o.a. clubhuis van Gemerts tweede voetbalclub DVS (De Vroolijke Sportbroeders). Het café was vooral in de tijd van de voorganger van Janus en Leentje een druk bezocht café, want de toenmalige uitbater had drie dochters waar het Gemerts mansvolk maar al te graag een biertje ging dringen. Behalve een café had Janus ook een agentschap voor Dommelsche Bieren: Gemert, Boekel, Handel, Bakel en Milheeze waren zijn afzetgebied. Daarnaast hield hij achter zijn woning ook nog kippen en varkens. In de weekenden opende hij het café met jensbiljart. ’t Mes sneej dus án driej kante (het mes snijdt dus aan drie kanten), zoals Janus wel eens zei. En dat was nodig ook want hij had de zorg over 8 kinderen.

In 1955 overlijdt Janus en wordt het café gesloten.